Het voetstuk van Mandela

Nelson Mandela staat bij veel mensen op een hoog voetstuk. Door hem is aan de apartheid in Zuid-Afrika op een vreedzame wijze een einde gemaakt. Geen bloedige vrijheidsoorlog, maar keurig verlopen onderhandelingen over een nieuwe democratie, waarin iedereen ongeacht de afkomst gelijkwaardig is.

Mandela was de eerste zwarte president van Zuid-Afrika. Hij vertegenwoordigde de nieuwe normen en waarden van dit land. Geen rassenonderscheid. Iedereen recht op een goed huis, water en elektriciteit. Iedereen een redelijk tot goed salaris. Een echte democratie, waarin iedereen meetelt. Eerlijk zakendoen staat voorop. Mandela straalde het nieuwe Zuid-Afrika uit. Zijn charisma was, en is nog steeds, legendarisch.

Het is allemaal wat anders gelopen. Je ziet, na meer dan 20 jaar, nog steeds grote verschillen in de kansen die mensen hebben. Er zijn veel huizen gebouwd, meer mensen hebben water en elektriciteit. Maar, het lijkt nog als een druppel op een gloeiende plaat. Er zijn enorme verschillen in inkomen. Als je van de universiteit komt, heb je een redelijk goed salaris. Ben je arbeider, dan krijg je 10 keer minder. Helaas ligt de grens in die verschillen te veel tussen blank en zwart.

En dan de democratie en het eerlijke zakendoen. Formeel bestaat de democratie. Iedere vijf jaar zijn er verkiezingen voor het landelijk parlement, de provincie parlementen en de gemeenteraden. Er zijn veel partijen. Het ANC (African National Congres) is verreweg de grootste: 62% van de stemmen. De DA (Democratic Alliance) is de tweede partij: 22% van de stemmen. Sinds de laatste landelijke verkiezingen is een linkse afsplitsing van het ANC, de EFF (Economic Freedom Fighters) van Julius Malema, de derde partij met 6% van de stemmen. Daarna volgen nog een heleboel kleine partijen, die de resterende 10% volmaken. De leider van de grootste partij wordt door het parlement tot president gekozen. De president is ook de leider van de regering.

Het ANC heeft sinds het einde van de apartheid (1994) de meerderheid in het parlement en levert dus de president en de regering. In bijna alle provincies en gemeenten is het ANC de grootste en is daar de leidende partij. Alleen in de Western Cape Province en Kaapstad heeft de DA de meerderheid.

Als je als ANC zolang zoveel macht hebt, dan stelt dat eisen aan je doen en laten. Want de stelling “macht corrumpeert” telt overal. En dat is nu net het probleem. Er is onder het ANC bestuur sprake van toenemende corruptie, fraude, zelfverrijking en nepotisme. Overigens niet uniek voor Zuid-Afrika, want ook de heren van het blanke apartheidsregime wisten hoe ze moesten spelen met de waarheid.

In het boek “How Long Will South Africa Survive? The Looming Crisis” gaat de wetenschapper R.W. Johnson uitgebreid in op hoe het ANC te werk gaat. De huidige president Zuma heeft daarin een prominente rol.

Zuma speelt al zijn hele ANC leven lang met de waarheid. En, goed voorbeeld doet goed volgen. Veel van zijn ministers vertonen het zelfde gedrag als hun leider. Zuma en zijn gevolg laten zich financieel ondersteunen door ondernemers, die later mooie contracten kunnen afsluiten. De inhoud van die contracten lijkt juridisch netjes geregeld, maar biedt de contractpartners wel erg voordelige posities. Sommige ministers zijn niet te beroerd om een percentage van de contractsom in eigen zak te stoppen. Als president stelt Zuma opvallend veel mensen uit zijn eigen omgeving aan: familie (20 kinderen bij 5 vrouwen), de gulle ondernemers, mensen afkomstig uit Zuma’s eigen Zulu volk.

En zo heeft Zuma zijn macht verworven. Opmerkelijker is dat Mandela hem binnen het ANC heeft geholpen. Toen Mandela zijn partij leidde, lette hij op een juiste vertegenwoordiging van de verschillende zwarte groepen in de besturen. Mandela zelf was één van de vele Xhosa’s, die in het ANC actief waren of zijn. Zuma is een Zulu en werd om die reden door Mandela in het ANC naar voren geschoven. Dit ondanks de reputatie die Zuma al had in de provincie Kwazulu-Natal. Maar toen (in de 90-er jaren) was de Inkatha Vrijheidspartij van Buthelezi nog groot en populair bij de Zulu’s. Dus kon Mandela Zuma goed gebruiken.

Rond 2000, toen Mandela ANC-leider af was, werd Zuma verdacht van corruptie bij een wapenaankoop. Zuma was inmiddels vice-president onder de opvolger van Mandela, president Mbeki. Deze dwong Zuma tot aftreden en bond een rechtszaak tegen hem aan. Voor zijn verdediging had Zuma veel geld nodig, wat hem ook werd geschonken. Uiteraard door mensen die daarvan politiek baat konden hebben. Maar ook Mandela schonk Zuma een miljoen rand ter ondersteuning.

Lopende de rechtszaak begon Zuma binnen het ANC een machtsstrijd tegen Mbeki. Die won hij. Mbeki werd bij de partijleiderverkiezing in 2007 verslagen door Zuma. Een paar maanden later werd Mbeki gedwongen af te treden als president. Bij de parlementsverkiezingen in 2009 werd Zuma verkozen tot president. Hij is nooit meer veroordeeld door een rechter.

Niemand kan zeggen of Zuma zonder Mandela wel of niet president was geworden. Wel kan je stellen, dat Zuma op zijn minst is geholpen door Mandela. Eerst, doordat Zuma door Mandela naar voren is geschoven binnen het ANC, en later toen Mandela Zuma financieel ondersteunde in zijn rechtszaak. Nota bene tegen Mandela’s opvolger en voormalige vice-president Mbeki.

Het boek “How Long Will South Africa Survive? The Looming Crisis” is een jaar geleden uitgebracht. Het staat al die tijd in de Zuid-Afrikaanse top 10 van best verkochte boeken. Er is opvallend genoeg tot op heden nog niet negatief op het boek gereageerd. Dus ook geen ontkenningen van ANC zijde, laat staan eisen tot rectificaties. Dan mag je volgens mij aannemen dat het waar is, wat Johnson heeft geschreven.

En als het allemaal waar is, dan lijkt het voetstuk van Mandela toch heel wat minder hoog.

Een vuurlijn van 9 kilometer

Vorige week donderdag was er een grote veldbrand bij Tulbagh, het dorp in Zuid-Afrika waar we wonen. We waren die dag naar Kaapstad en zagen op de terugreis al op een afstand van 50 kilometer rook uit de vallei komen. Bij het binnenrijden van de vallei moesten we de lichten van de auto aandoen toen we door de rook heen kwamen.

De brand verliep langs een vuurlijn van 9 kilometer en op maar een paar kilometer afstand van het dorp. Net op die dag stond een harde zuidooster wind vanaf zee bij Kaapstad. In Kaapstad zelf stond windkracht 8, in Tulbagh was het nog windkracht 6. Daardoor kon het vuur zich snel met de wind mee verplaatsen. Ongeveer 400 ha natuurgebied is verloren gegaan. Er zijn geen landbouwgronden en andere eigendommen beschadigd. Ook zijn er geen persoonlijke ongelukken gebeurd.

De oorzaak van de brand zou een kortsluiting in een elektriciteitsleiding zijn geweest. Er is veel mankracht aan brandweerlieden ingezet, die de hele middag en de daaropvolgende nacht bezig waren met brandweerwagens, vliegtuigen en helikopters.

Deze brand is één van vele in een tijd van grote droogte in Zuid-Afrika. Veld-, bos- en bergbranden horen hier bij de zomer, net als in Zuid-Europa, California en Australië. Het heeft te maken met warme en droge weersomstandigheden. Maar deze zomer is het wel erg warm en droog en er worden meer branden verwacht dan in andere jaren. We hebben sinds oktober al een redelijk aantal hittegolven achter de rug, met regelmatig temperaturen boven de 40 graden (één dag was het zelfs 46 graden). En vanaf augustus is er geen serieuze regen meer gevallen.

El Niño doet dit jaar zijn werk. In de hele wereld wijkt het weer af van het normale. In Afrika hoge temperaturen en langdurige droogte, waardoor veel misoogsten in landbouwlanden als Zuid-Afrika, Ethiopië en Zimbabwe. In Australië grote en langdurige bosbranden. In Noord- en Zuid-Amerika juist overvloedige neerslag in de vorm van regen en sneeuw. In Europa zacht winterweer in november en december, waar komend voorjaar weer veel regen wordt verwacht.

Het kan hier behoorlijk warm zijn. Daar moet je je op aanpassen. Sporten in de vroege ochtend. Tussen 10 uur ‘s morgens en 3 uur ’s middags zoveel mogelijk uit de zon blijven. En als je toch in de zon gaat, een petje of een hoedje op je hoofd. Eigenlijk vind ik het wel lekker: veel zon, warm en nauwelijks regen. Liever dit dan die ijzel en sneeuw ellende zoals laatst in Groningen en Friesland.

Bevalt dat nu, daar in Zuid-Afrika?

Die vraag krijg ik nogal eens vanuit Nederland. Mijn antwoord, zonder er verder bij na te denken: ja. Nu ben ik nogal praktisch ingesteld en ga daar heen, waar we op dat moment willen of moeten zijn. Ik ben het type van: het gaat, zoals het gaat. Nu helpt het als je al zoveel verhuisd bent als wij. Steeds als iedereen dacht, en ook wij, dit is het huis voor de rest van ons leven, dan verhuisden we weer. We zijn zelfs zonder probleem van steden in verschillende delen van het land gewisseld. En in het buitenland gaan wonen is tegenwoordig ook een stuk gemakkelijker geworden door de elektronica. Je neemt gewoon het abonnement op je krant mee op je tablet. Je kijkt naar het Journaal, De Wereld Draait Door en Pauw via de satelliet. Je belt met Nederland via skype (en je kan elkaar nog zien ook!). Je houdt verder je favoriete Nederlandse websites bij op de computer. En de post gaat via de mail (tja, what’s in a name?). Dus als je desalniettemin last van heimwee mocht hebben, dan hoeft dat niet zo veel te zijn.

Zijn er dan helemaal geen emoties? Voel je helemaal niets bij die andere cultuur en mis je niets van de Nederlandse? Natuurlijk wel. Als het hier niet gaat, zoals ik dat in Nederland gewend was, voel ik me er niet geweldig bij. En dat is dan netjes uitgedrukt. Ik loop dan behoorlijk te vloeken. Ook mij is niets menselijks vreemd. Ik zal enkele voorbeelden van ervaringen geven, positieve en negatieve.

Het tempo in zakendoen in Zuid-Afrika is een stuk lager dan in Nederland. Aan één kant geeft dat ontspanning, de deadlines zijn niet zo hard. Aan de andere kant nemen ze soms ook wel erg de tijd. We hebben net twee klussen in huis achter de rug, die allebei in een week gedaan hadden kunnen worden, maar alle twee drie maanden namen. En dan helpt het echt niet om op zijn Nederlands de mensen gek te bellen, in de veronderstelling dat ze dan wat sneller hun werk zullen doen. Je kan een dag afspreken, dit via de mail vastleggen in hun agenda, kort van tevoren een herinnerings-SMS sturen, toch kunnen ze zomaar zonder bericht wegblijven. En als je er later naar vraagt, dan zeggen ze doodleuk dat er iets tussen was gekomen. En, om eventuele vooroordelen voor te zijn of misschien juist te bevestigen, deze bedrijven worden geleid door blanken.

Dan de wijze van afrekenen. Erg merkwaardig. De klus is eindelijk gedaan, volgt direct de rekening via een SMS of op de mail. Kort daarna een telefoontje met de vraag wanneer je gaat betalen. Wij zijn altijd nette betalers geweest, dus reageren eerst verbaasd en zeggen: ja, natuurlijk zo snel mogelijk. Wij denken: als we de maandelijkse administratie doen, tenslotte heb je in Nederland een maand om je rekeningen te voldoen. Daarna krijg je iedere dag een telefoontje, met dezelfde betaalvraag. Tot je hebt betaald.

Over het betalingssysteem in Zuid-Afrika is gelukkig ook genoeg positiefs te zeggen. De pinpas, bijvoorbeeld, wordt hier voor de kleinste bedragen gebruikt. En je krijgt meteen een mededeling via een SMS of de mail dat het bedrag is overgeboekt, met daarbij je actuele banksaldo. Erg handig.

Als iets mis dreigt te gaan, is er altijd wel iemand die een oplossing komt aandragen. Bijvoorbeeld de dealer van mijn auto, die mij een tijdelijk kenteken gaf toen de verkeersdienst er te lang over ging doen. Of bijvoorbeeld de hulp die ik kreeg, toen een band van mijn auto lek was, om dit snel te verhelpen (alles bij elkaar maar een half uur).

Je hond uitlaten kan in Zuid-Afrika in alle rust en ontspanning. Je gaat gewoon een lekker eind lopen zonder een andere hond tegen te komen. In Nederland kom je in de parken en bossen altijd wel honden tegen, die met jouw hond willen vechten. En dan bekvechten de bazen ook nog eens met elkaar.

Ondanks dat de economie van Zuid-Afrika er niet goed bijstaat, is het voor mij niet moeilijk om aan het werk te zijn. Anders dan in Nederland, waar je ook als zzp-er allerlei procedures moet aflopen. Hier zie je een kans, je gaat er op af en gaat gewoon aan de slag (wel eerst afspraken met een opdrachtgever maken natuurlijk).

Het weer in Zuid-Afrika is bijna altijd mooi. De zon schijnt zomer en winter. In de winter kan je wel regendagen hebben, maar tussendoor is er weer zon met overdag ongeveer 20 graden. Mijn winterjas heb ik alleen nog om mee te nemen naar Nederland.

Kerst en oud&nieuw vallen hier dus in de zomer. Deze feestdagen zijn in Zuid-Afrika qua karakter niet zoveel anders dan in Nederland. Zo lopen er dikgeklede kerstmannen (..) rond en is er sneeuw in de winkels. Wat wel bijzonder is, dat je dan altijd buiten bent. Eerste Kerstdag eten in de tuin. Tweede Kerstdag bij de Boxing Day Blues Bash onder de bomen van Saronsberg Cellar. En, weleens gebarbecued (of “braaivleis gemaak”) met oudjaar? Nou, dan loop je echt niet te vloeken.

Ondanks de moderne elektronica kom je toch op een grotere afstand van Nederland te staan. Soms verbaas je er over hoe het daar toe kan gaan. Het land, nu ja de politiek dan, is in rep en roer als er een bonnetje van een afrekening met een crimineel onvindbaar is. Ja, was mijn eerste gedachte, welke crimineel werkt nu met bonnetjes?

Gelukkig is onzorgvuldig bestuur in Nederland toch maar beperkt tot incidenten. Dat geldt ook voor al dat gedoe bij woningcorporaties, zorginstellingen en onderwijsinstituten. Het is niet niks, maar het is maar weinig vergeleken met Zuid-Afrika. Daar laat bijvoorbeeld de president de verbouwing van zijn privéhuis ad. € 20 miljoen door de staat betalen. En niemand die gelooft, dat hij dat terugbetaalt als hij president af is. Op de wereldranglijst van 175 minst corrupte landen staat Nederland op plaats 8 en Zuid-Afrika op 67. Langs de Zuid-Afrikaanse autowegen zie je grote borden met oproepen tegen corruptie. Geplaatst door de regering.

Dus, mijn antwoord op de vraag of dat nu bevalt, daar in Zuid-Afrika? Ja. Er zijn ergernissen, natuurlijk. Maar er is genoeg wat ik waardeer, en dat overheerst.

Stellenbosch

Er zijn van die dagen, waarvan je op het eind afvraagt, hoe het zo heeft kunnen lopen. Ik heb op een dag verschillende afspraken in Stellenbosch.

Ik begin met een ontmoeting met projectontwikkelaar Alan. Die heb ik leren kennen via Oscar, ook een ontwikkelaar. Ik heb Alan gebeld, omdat ik voor Oscar naar een pand in Stellenbosch aan het kijken ben, dat wellicht interessant voor hem kan zijn. Alan zou me wat meer over dat pand kunnen vertellen. Hij blijkt er tijdens ons gesprek iets van te weten, maar ook weer niet zoveel. Wel weet Alan al wie ik ben en wat ik doe. Hij vraagt me of ik wat werk voor hem wil doen. Alan is op zoek naar vastgoed om in te investeren en om verder te ontwikkelen. Hij wil mij, vanwege mijn planologische achtergrond en mijn ervaring met vastgoed, daarbij betrekken. Vast Google, denk ik dan.

Dan ga ik naar een lampenwinkel om te kijken of ze een klusje voor me kunnen doen. Dat hebben ze daar al eerder en goed voor me gedaan. Bij de verhuizing is de plug van de luidsprekerkabel van de stereo/televisie installatie afgebroken. Nu heb ik zelf kunnen zien dat de plug weer aan de kabel moet worden gesoldeerd. Maar, sinds de lessen handarbeid op de HAVO heb ik geen soldeerapparaat meer in handen gehad, laat staan dat ik er één heb. Ik vraag aan de man in de lampenwinkel of hij een soldeerapparaat heeft. Dat heeft hij. Ik vertel hem mijn probleem en hij gaat meteen aan de slag. In vijf minuten is het klaar en ik hoef er niet eens voor te betalen!

Dan ga ik wat inkopen doen en eet een broodje bij een koffietent. Ik loop naar mijn auto om naar de volgende afspraak te gaan, net buiten Stellenbosch. Ik stap in en zie een briefje onder de ruitenwisser. Iemand die mij opmerkzaam maakt dat een band van de auto leeg loopt. Ik stap uit en zie een half leeg gelopen achterband en een flinke pin er in. Heb ik die er in gereden of haalt iemand een wrange grap met me uit en komt straks langs voor geld? Beide gevallen komen voor in dit land. Toevallig sta ik voor een Jaguar/Landrover dealer geparkeerd. Ik loop naar binnen en vertel wat er is gebeurd en vraag of zij mij kunnen helpen, ondanks dat mijn auto geen Jaguar of Landrover is. Dat zouden ze wel willen, maar ze repareren geen banden. Wel kan een monteur de band voor me oppompen, zodat ik naar de dichtst bijzijnde bandenwerkplaats kan rijden. Okay, graag. Ik hoef ook hier niets te betalen en rijd naar die bandenzaak. Daar kan ik meteen worden geholpen, het duurt een halfuur. Daar moet ik wel betalen, maar liefst 99 rand (€ 6,45). Ik heb niemand meer gezien die geld voor het briefje komt vragen. Dus, was het van een vriendelijk iemand die me voor erger heeft behoed.

De afspraak, die ik eigenlijk heb als ik de bandenpech ontdek, zeg ik af en ik rijd naar de daarop volgende. Dat is een bezoek aan het pand, dat ik voor Oscar onderzoek. Ik heb daarvoor een verkopende makelaar benaderd. Ik meld me op zijn kantoor en we lopen naar het pand. Onderweg waarschuwt de man al voorzichtig voor de eigenaresse: een babbelzieke dame, die denkt alle zaakjes op orde te hebben. Dat babbelzieke klopt, ze kletst aan een stuk door. Maar of zij haar zaakjes wel zo op orde heeft? Het pand staat al bijna 6 jaar te koop. Dat is lang, maar helemaal in Stellenbosch, waar de vastgoedmarkt goed is. Bovendien is de vraagprijs erg hoog, zeker als je het omrekent per vierkante meter en dat vergelijkt met andere te koop staande panden. Ik vraag aan de dame, waarom het zo lang te koop staat en of zij zelf de prijs niet wat te hoog vindt. Op het laatste krijg ik natuurlijk een ontkennend antwoord, ze noemt voorbeelden met een zelfde prijs (wel allemaal verkocht vóór de crisis). Over de lange verkoopduur zegt de eigenaresse, dat ze nu eenmaal veel in Europa is en dus op die momenten, als iemand interesse heeft, het pand niet bezichtigd kan worden. Vreemd, ze heeft wel 10 (tien!) verkopende makelaars in de hand genomen, en geen van hen heeft een sleutel om mensen rond te leiden? Geen antwoord. Ik denk dat de vraagprijs eerst flink omlaag moet, voordat geïnteresseerden een serieus bod zullen doen.

De laatste afspraak die dag. Met Theuns Stofberg, de beroemde oud-rugbyspeler, die ik een paar maanden geleden niet als zodanig herkende. Ik heb een onderzoek voor hem gedaan naar wat op zijn boerderij mogelijk is om te bouwen. Mijn advies: geen woningen (mag niet van de gemeente), maar gebouwen in de recreatie- en vakantiesfeer. Tijdens het gesprek vertel ik Theuns over de reacties die ik heb gekregen op het feit dat ik hem bij de eerste ontmoeting niet had herkend. Hij lacht er om en vertelt dat hij ook eens is herkend als een andere bekende Zuid-Afrikaanse sporter, maar dat was een bokser. Theuns accepteert mijn advies en vraagt mij om het verder uit te werken tot een concreet plan.

Zwarte middenklasse in Zuid-Afrika

In de beschrijving van mijn ervaringen met Zuid-Afrikanen heb ik me tot nu toe niet uitgelaten over de vermoedelijke afkomst van de mensen die ik tegenkom. Ik wil dat niet, omdat de cultuur van een land nu eenmaal wordt gemaakt door alle mensen die daar wonen. En dan mag het niet uitmaken wie of wat je bent. Maar natuurlijk zijn er in een land verschillen tussen mensen in hun manier van leven. Gelukkig maar, want anders zouden we allemaal uit die gehaktmolen van The Wall van Pink Floyd komen.

Ik kwam laatst een onderzoek tegen van The Public Affairs Research Institute, onderdeel van The University of the Witwatersrand in Johannesburg. Het is een onderzoek naar de groeiende zwarte middenklasse in Zuid-Afrika. Het onderzoek gaat onder meer in op de keuze van de woonplaats door deze groep.

Een aantal van de zwarte middenklassers blijft in de township wonen, waar ze zijn geboren en opgegroeid. Met name de townships bij steden als Kaapstad en Johannesburg bestaan daarom niet meer alleen uit armoedige hutjes of door de regering gebouwde sociale woningen. Er zijn nu buurten met middenklasse koopwoningen, er staan dure villa’s en er zijn ook estates (omheinde en beveiligde buurten).

Andere zwarte mensen met een hoger inkomen verlaten bewust de township. Zij vinden dat onder het apartheidsregime de zwarten in townships zijn geplaatst, ver weg van de blanke woongebieden. Deze mensen willen, nu ze de vrijheid hebben, zelf kiezen waar ze willen wonen. Een gedeelte van hen koopt een huis in een voorheen exclusief voor blanken bedoelde woonwijk.

Een ander gedeelte van de townshipverlaters kiest voor een huis in een zogenoemd development cluster. In een Zuid-Afrikaans development cluster wonen mensen met dezelfde leefstijl. Het onderzoek, dat ik heb gelezen, noemt als voorbeelden clusters voor gezinnen met kleine kinderen, bevriende families die graag bij elkaar willen wonen, homo stellen en singles, alleenstaande vrouwen en zwarte gezinnen.

Vooral het laatst genoemde cluster is opmerkelijk. Het onderzoek geeft aan dat dit komt door een groeiend zwart bewustzijn. Een bewustzijn, niet om zich af te zetten tegen blanken, maar omdat men vindt dat een zwarte gemeenschap een eigen manier van leven en consumeren kent. Anders dan andere groepen mensen. De onderzoekers noemen dat een nieuwe vorm van zwart zijn.

Het onderzoek gaat ook in op de autokeuze van zwarte middenklassers. Die auto is duur, groot en snel. De onderzoekers verklaren dit doordat de zwarten vroeger alles lopend moesten afleggen. Eerst op blote voeten, later konden ze zich schoenen veroorloven. Nu is voor steeds meer mensen de auto bereikbaar. En dat willen ze ook meteen goed laten zien.

Ik vraag me af of een dure autokeuze echt een exclusief “zwart” verschijnsel is. Ook veel mensen van de blanke middenklasse laten graag met hun auto zien dat ze het goed hebben. Kijk eens rond in de gouden randen van de Nederlandse nieuwbouwwijken, waar de tweeonderéénkappers en de vrijstaan-de woningen staan. Je ziet een relatief hoog BMW en Audi gehalte. Of, ga eens kijken in een straat waar een leuk bedrag van de postcodeloterij is gevallen. Best kans dat je een Porsche ziet staan.

Het onderzoek naar de Zuid-Afrikaanse zwarte middenklasse sluit af met de volgende conclusie. Tijdens de apartheid was er geen relatie tussen hoe hard zwarte mensen moesten werken en wat ze daarmee bereikten. Ze bleven even arm. Hoewel de armoede onder de zwarten nog steeds erg groot is, neemt het aantal zwarte mensen met een middenklasse inkomen en een hoog inkomen toe. Vandaag is Zuid-Afrika vol met kansen. Deze kansen grijpen betekent voor veel zwarten in vrijheid werken en geld verdienen. Ze willen dat ook laten zien. Met hun huis buiten de township en hun auto in de straat.

Boer zoekt worsthond

Ik loop met mijn hond op de weg van een boerderij vlakbij ons huis. We komen een auto tegen. Deze stopt en het rode hoofd van een zongebrande Afrikaanse boer steekt door het raampje. Of ik zijn worsthond heb gezien. Ik ben er even stil van.

Nu moet je weten dat de meeste Zuid-Afrikaanse boeren nogal groot zijn. Het lijkt wel of alle rugbyspelers boer worden, als ze stoppen met hun sport. In dimensies uitgedrukt: lang, breed en diep. Als ze een hond hebben, en dat hebben ze allemaal, dan is dat een echte boerderijhond. Een Duitse herder, een dobbermann of een bouvier. Enkele jack russels kan ook, dat is bij elkaar ook een grote hond. Maar deze boer heeft een worsthond?

Een worsthond is in Zuid-Afrika wat we in Nederland een teckel noemen. Inder-daad een lijf als een saucijzenworst en wel erg korte pootjes. Ondanks de lengtehoogte verhouding heeft een worsthond toch maar vier poten. Nu loopt de weg, waar ik met mijn hond ga, door graanvelden, die in deze tijd van het jaar volop in de groei staan. Het is nu tegen het oogsten van het wintergraan aan. Dus ja, als je je teckeltje kwijt bent: veel succes om het terug te vinden. Ik heb de boer ook niet meer gezien.

Ik loop deze boerenweg twee keer per dag met hond Zoë. Twee keer drie kwartier tot een uur, afhankelijk of er schapen op de weg staan of niet (we hebben tenslotte een border collie). Allebei genieten we ervan. Zoë loopt me vooruit op een manier alsof ze een hondenkar trekt, terwijl ze alleen maar aan de lijn loopt. En ik kijk om me heen. Het pad loopt geleidelijk omhoog, waardoor je een prachtig zicht heb op de vallei rond Tulbagh, het dorp waar we wonen.

De vallei wordt omringd door bergreeksen. Heel vroeger was, wat nu de vallei is, een groter krater. Zo af en toe is het land nog in beweging, getuige de aardbeving die in 1969 Tulbagh en omliggende plaatsen trof. Nu is het een landbouwgebied, waar o.m. fruit, wijn en olijven vandaan komen. In Tulbagh staat een grote fruitverwerker, onderdeel van de Rhodes Food Group. Dit bedrijf is ooit opgericht door de beruchte Cecil Rhodes, onder veel meer de stichter van Rhodesië, het huidige Zimbabwe. Verder zijn er rond Tulbagh verschillende wijnboerderijen, waarvan in Nederland Drosdij Hof de bekendste is.

Het zicht op de vallei is zo mooi, omdat het iedere dag weer anders is. Als de lucht droog is en de zon schijnt, is de hemel strak blauw en de bergen steken er scherp tegen af. Het is dan ook echt warm. Nu al (oktober) zijn er temperaturen van boven de dertig graden, maar meer dan veertig is in januari en februari geen uitzondering. Soms zit er meer vocht in de lucht, dan spelen de wolken met de bergen. Als het regenachtig weer is, en dat kan ook hier in de zomer, dan hangen de wolken tegen de berg aan. Of het regent tegen de berghellingen terwijl je zelf in de zon loopt. En in de winter ligt er sneeuw op de bergen. Bovenop de bergen is het dan ijzig koud, maar in de vallei is er overdag een heerlijke temperatuur.

Tulbagh trekt steeds meer toeristen. Vanuit andere delen van Zuid-Afrika, maar ook steeds meer vanuit andere delen van de wereld. De toeristen komen voor de historische monumenten van Tulbagh (de eerste bebouwing dateert van 1743), de wijnboerderijen in de vallei en de mogelijkheden voor wandelen, mountain-biken en paardrijden langs de berghellingen.

Zoals ik al eerder heb geschreven, wordt Tulbagh ook steeds populairder als woonplaats. Het gaat dan vooral om de rust van het dorp en de vallei en de zaken waarvoor de toeristen ook komen. De huizenverkoop stijgt en er zijn nog veel mogelijkheden voor nieuwbouw. Met een snelle inventarisatie heb ik berekend dat er plaats is voor 600 tot 900 huizen. Dat kan Tulbagh met ongeveer een derde groter maken. Kortom, werk voor jaren….

De man, met wie je sprak, was een groot rugby speler

Ik word gebeld door Bert. De dag er voor hadden we elkaar al even gesproken. Toevallig hadden we onafhankelijk van elkaar een bespreking in dezelfde koffie-tent.

Bert vraagt me: die man waarmee je sprak, hoe ken je die? Ik zeg, door die andere man, die er ook bij zat. Die heeft me bij de eerste geïntroduceerd. Bert vraagt, wie die tweede man dan is. Oh, zeg ik, die ken ik van een netwerkgroep en doet sociaal werk. Hij kent die eerste weer, en die zoekt iemand met verstand van planologie. En zo heb ik hem leren kennen. Maar, vraagt Bert, weet je dan wel wie hij is? Ja, zeg ik, dat is Theuns Stofberg. Hij heeft een boerderij bij Stellenbosch en wil daarop wat huizen bouwen. Bert reageert ietwat ontsteld: de man, met wie je sprak, was een groot rugby speler.

Nu ben ik dubbel gehandicapt. Ik weet nauwelijks Nederlandse voetbalspelers te noemen. Ja, Johan Cruyff en Sjakie Swart, maar die zijn van lang geleden. En nu moet ik ineens weten wie de grote Zuid-Afrikaanse rugby spelers zijn! Ik weet dat rugby in Zuid-Afrika is wat in Nederland voetbal is, maar net zo min als bij voetbal ben ik nauwelijks geïnteresseerd in het wel en wee van rugby.

Nu overkomt me net in dezelfde week ook nog iets anders rond het rugby fenomeen in Zuid-Afrika. Ik bel de plaatselijke installateur van de satelliet televisie om iets bij de schotel in orde te maken. Het is niet echt een ernstig probleem, maar wel handig als het opgelost is. Hij zegt dat hij nu erg druk is met installatie van nieuwe ontvangers vanwege het WK rugby, daarna heeft hij tijd. Ik vraag hem wanneer dat is. Hij moet erg lachen en hangt op. Tja, ik realiseer me dat als je in Nederland niet weet wanneer het WK of EK voetballen is, je daarvoor opgeborgen kan worden. Dus maak ik nu een grote fout in mijn integratieproces. Heb ik nog wel kans op een permanente verblijfsvergunning?

Terug naar het gesprek met de grote rugby speler. Het begint zo. Ik word benaderd door Calvin Enslin, lid van een netwerkgroep waarvan ik tot voor kort lid was. Hij vraagt me wanneer ik tijd heb om met een boer uit Stellenbosch te praten. Die heeft plannen op zijn boerderij en wil graag planologisch advies. We maken een afspraak.

Ik rijd op een dag naar de plaats van afspraak. Ik ben voor Zuid-Afrikaanse begrippen altijd te vroeg (ik zeg: precies op tijd) en moet dus even wachten op de anderen. Wel zie ik daar Bert en Oscar (de projectontwikkelaar) zitten, in gesprek met iemand die ik dan nog niet ken. Blij verrast door deze toevalligheid groeten we elkaar. Even later komt Calvin en daarna de man die advies nodig heeft. Het valt me op dat Calvin wat verstoord kijkt als ik de man niet herken. Tja, ik heb hem nooit eerder ontmoet. Hij zegt, dit is dus Theuns Stofberg. Theuns kan een grijns niet onderdrukken.

Theuns vertelt me wat hij van plan is. Hij heeft grond, dat ligt in een nieuw te ontwikkelen gebied in Stellenbosch, en wil daar graag woningen op bouwen. Hij vraagt zich af wat voor woningen hij kan bouwen en voor wie. Ik bied hem aan dat uit te zoeken en samen met Oscar, die verderop zit, ik wijs hem aan, een plan te maken. We spreken af om binnenkort ter plaatse te gaan kijken.

Ik heb het probleem dat ik zelden de naam kan onthouden van iemand die ik voor het eerst zie en die zojuist aan me is voorgesteld. Niet echt zakelijk, maar ik heb het nu eenmaal. Daarom vraag ik altijd heel tactvol naar een visitekaartje. Zo ook aan Theuns. Heeft hij niet. Dan maar, toch wel gênant, zijn naam nog eens gevraagd. Hij noemt deze en ik wil het opschrijven. Calvin naast me, ziet en hoort het aan, kan zijn ergernis nauwelijks onderdrukken. Hij spelt de naam: T H E U N S S T OF B E R G. Zegt Theuns met een grote glimlach: mijn overgrootvader was president tijdens de Boerenoorlog.

Thuis ga ik googelen. Theuns Stofberg was rond 1980 aanvoerder van de Springbokke, het nationale rugby team van Zuid-Afrika. Ja, dat is niet de eerste de beste. Maar helaas, mij tot voor kort niet bekend. Een president Stofberg kan ik niet vinden. Ik kan me ook niet herinneren dat ik zoiets in het boek De Boeren-oorlog van Martin Bossenbroek heb gelezen. Maar, zie daar. Die overgrootvader van Theuns blijkt Martinus Steyn te zijn. Die was rond 1900 president van de Oranje Vrijstaat. En daar had ik wel van gehoord. Al is het maar door het President Steynplantsoen.

De angst lijkt groter dan de werkelijkheid

Ongeveer een maand geleden maakten wij een vakantietrip van de westkant naar de oostkant van Zuid-Afrika, van de Western Cape Province naar Kwazulu Natal. We zijn zowel heen als terug via de Eastern Cape Province gereden.

Omdat wij nog niet eerder in de Eastern Cape waren geweest, vroegen we aan verschillende mensen in onze omgeving advies. Nou, dat kregen we. We moesten ons goed voorbereiden, want de wegen zijn erg slecht, vol met kuilen en gaten. Neem een tweede reserve wiel mee, neem reserve onderdelen voor de motor mee. Plan veel tijd per traject. Wees verder erg voorzichtig, want je weet niet of je de mensen daar kunt vertrouwen.

We zijn eens op internet gaan neuzen en hebben vooral de afbeeldingen van de belangrijkste autowegen bekeken. Die leken ons niet slecht. Bovendien rijden we een Toyota, die we qua onderhoud goed laten bijhouden. Dat is dus een kannietstuk. We zijn op weg gegaan, met vooraf een extra vakantie check door de Toyota dealer, maar zonder extra onderdelen. Daar komt bij, dat in Zuid-Afrika op zowat iedere straathoek een Toyota garage zit. Kennelijk heb ik als klant meer vertrouwen in de kwaliteit van de auto dan Toyota zelf.

Zoals het wel meer gaat, valt het in de praktijk allemaal enorm mee. De wegen, die wij hebben gereden, zijn van goede kwaliteit. Er zijn stukken met zogenoemde potholes (de kuilen en de gaten), maar je kan deze gemakkelijk vermijden. Bovendien wordt er gewerkt aan het herstel van die wegen.

Waar je wel rekening mee moet houden is het vele vrachtverkeer. De grote wegen in Zuid-Afrika zijn voor een groot gedeelte wegen met twee rijstroken, snelwegen zijn er alleen bij de grote steden. Soms moet je dwars door drukke dorpen rijden. En er zijn nogal wat bergpassen. De kans om achter een langzaam rijdende vrachtwagen te komen is redelijk groot. Soms kan het even duren voor je een vrachtwagen of een verzameling vrachtwagens kan inhalen. Daarom moet je inderdaad rekening houden met een niet al te hoge gemiddelde snelheid per dag.

Een groot gedeelte van de Eastern Cape was tijdens de apartheid het thuisland Transkei. Naar de thuislanden werden de zwarte Afrikanen vanuit andere delen van Zuid-Afrika gedeporteerd. De gebieden buiten de thuislanden moesten dan exclusief blank worden. Werk was er niet in de thuislanden, waardoor de mannen naar het blanke gebied moesten met achterlating van hun gezinnen. Ja, tegenspraak in het apartheidsbeleid was er wel.

Omdat Transkei in oppervlakte groot was, zie je duidelijke verschillen met andere delen van Zuid-Afrika. In en bij de steden zie je weliswaar townships en krottenwijken, maar daar buiten krijg je een heel ander beeld. In de landelijke gebieden zie je her en der huizen als gekleurde snoepjes over het land verspreid. Bij de huizen hebben de mensen grond om wat groenten te verbouwen. Dat wil overigens niet zeggen, dat er geen armoede is. Voor werk zijn de mensen nog steeds op de steden aangewezen.

De mensen in de Eastern Cape, die wij tegen kwamen, zijn erg vriendelijk en hulpvaardig. We hebben geen verkeerde dingen meegemaakt. In tegendeel, in één dorp werden we zelfs door zowat iedereen op straat gegroet. Waar maak je dat in Nederland mee? Ja, als je een Nederlander op vakantie tegenkomt, dan lijkt het of hij je al jaren kent.

Onze eerste ervaring met de Eastern Cape is dus positief. Heel anders dan ons werd voorgespiegeld. Waardoor maar weer eens blijkt dat de angst groter lijkt dan de werkelijkheid.

Tulbagh on the map

Overal hebben ze het er over. Utrecht op de kaart, Tilburg op de kaart. En nu Tulbagh on the map! Tulbagh? Ja, Tulbagh. Dat is in Zuid-Afrika, en daar wonen wij sinds een half jaar. En, met plezier.

Tulbagh is in ouderdom de vierde stad van Zuid-Afrika, na Kaapstad, Stellen-bosch en Swellendam. De eerste nederzetting is van 1743. De oude kern, de Kerkstraat, heeft de grootste concentratie monumenten binnen Zuid-Afrika. Tulbagh is in toeristisch opzicht redelijk populair.

Het lijkt er op dat Tulbagh zich op een vergelijkbare wijze gaat ontwikkelen als andere dorpen rond Kaapstad. Plaatsen als Darling, Riebeek Kasteel, Greyton, McGreggor, Betty’s Bay. Populair bij mensen van boven de 50, die nog gezond en actief in het leven staan. Mensen uit Kaapstad of Stellenbosch, die in een rustige en veilige omgeving willen wonen, in een niet al te grote gemeenschap. Met de kleinschaligheid, het historische karakter en de toeristische activiteiten heeft Tulbagh de mogelijkheden om zich te ontwikkelen tot een even aantrekkelijke plaats.

Als ik door Tulbagh loop, wandelend of hardlopend, dan zie ik tal van ontwikkel-mogelijkheden. Verschillende kavels zijn nog vrij voor nieuwbouw. En er is een aantal projectontwikkelingen, die door de economische crisis nog niet van de grond zijn gekomen. Na gesprekken met verschillende deskundigen denk ik dat de tijd rijp is om die projectontwikkelingen weer op te pakken.

De vastgoedmarkt in Zuid-Afrika leeft weer op. Met name bij de gezonde en actieve ouderen. En, Tulbagh is in beeld bij mensen die wat met het dorp willen. Vandaar de stelling “Tulbagh on the map”. Er zijn acties om Tulbagh toeristisch nog aantrekkelijker te maken, waardoor het aanbod aan hotels, guesthouses, B&B’s en restaurants groter kan worden. Wanneer ook het aantal woningen wordt vergroot ontstaat een basis voor uitbreiding van het winkelbestand. Hoewel dat voor een dorp met 9000 inwoners nu al niet gering is. Er is een grote Spar supermarkt en een paar gespecialiseerde winkels op het gebied van eten en kledingwaren.

Ik werk samen met projectontwikkelaar Oscar om de ontwikkeling van nieuwe woningen op gang te brengen. Ik zoek daarvoor contact met eigenaren van vrij liggende kavels en met de ontwikkelaars van de nog niet gerealiseerde projecten. We bekijken in hoeverre de eigenaren van de kavels open staan voor ontwikkeling op hun grond. Met de ontwikkelaars gaan we bespreken op welke wijze de projecten weer op gang gebracht kunnen worden.

Doelgroep in de ontwikkelkansen van Tulbagh is de gezonde en actieve oudere. Maar, niet alleen de ouderen met geld. We willen juist ook kansen bieden voor de mensen met een niet zo hoog inkomen. En we willen proberen om een mix te krijgen van de verschillende Zuid-Afrikaanse bevolkingsgroepen. Gezien de nog steeds prominente scheiding in het wonen tussen de groepen, is dat een uitdaging. Maar wel één die in een plaats als Tulbagh kan werken, omdat de verschillende woongebieden al heel dicht bij elkaar liggen.

Daarom: Tulbagh on the map. In meerdere opzichten.

In volgende blogs meer over deze leuke en uitdagende klus.

Onverklaarbare prijsverschillen

Als je regelmatig het land uit bent, merk je dat er voor dezelfde producten of diensten opvallende prijsverschillen zijn. Dit komt niet alleen door verschil in welvaartsniveau tussen twee landen. In enkele gevallen zijn ze onverklaarbaar.

Het welvaartsniveau van Zuid-Afrika is een stuk lager dan in Nederland. Zo betaal je gemiddeld maar een derde voor je dagelijkse boodschappen bij een Zuid-Afrikaanse Spar dan bij een Nederlandse Albert Heijn, supermarkten van een vergelijkbaar niveau. De benzineprijs in Zuid-Afrika is ongeveer de helft van die in Nederland, maar dat komt natuurlijk door een verschil in accijnzen.

Bij de hoogte van autoprijzen ligt het weer anders. Zuid-Afrika heeft een redelijk grote auto-industrie. Grote merken als Volkswagen, Toyota, Mercedes en BMW hebben er volwaardige autofabrieken. De hier geproduceerde auto’s zijn wat goedkoper dan in Nederland. Auto’s, die worden geïmporteerd (bv. van Fiat, Citroën, Honda), zijn juist weer duurder. Dit heeft te maken met de Zuid-Afrikaanse lage arbeidskosten, maar ook met importheffingen.

Duur in Zuid-Afrika zijn aansluitingen voor televisie en internet. Televisie speelt in verreweg de meeste huishoudens via de satelliet. Voor een pakket van 100 zenders, waarvan wij in de praktijk alleen naar het Nederlands/Vlaamse BVN kijken, betaal je € 60 per maand. Voor een wireless internetaansluiting, met een lage downloadsnelheid, betalen we € 125 per maand. De telefoonaansluiting kost dan maar weer € 13 per maand. Alles bij elkaar betalen we € 200 per maand om op een moderne wijze met de wereld verbonden te zijn. In Nederland betaalden we € 60 aan Ziggo voor een 3-in-1 pakket. En daarbij was de isnelheid nog eens 10 keer zo hoog. De prijsverschillen komen vooral doordat een land als Zuid-Afrika van relatief dure infrastructuur (satelliet techniek, wireless techniek) gebruik moet maken.

Deze prijsverschillen zijn nog te verklaren. Kijk je naar de reiswereld, dan worden de verschillende prijzen voor mij onverklaarbaar.

Neem nu de prijzen van vliegtickets. Als je van Schiphol naar Kaapstad met de KLM vliegt, is de laagst mogelijke retourprijs ongeveer € 750, in omgekeerde richting is dat bij de KLM zo’n € 250 minder.

Echt onbegrijpelijk is de KLM met zijn enkelereisprijzen. Als je emigreert, is het niet zo handig om steeds weer retourtickets vanuit je oorspronkelijke land te kopen. Het is duurder, maar je legt je ook steeds weer vast op bepaalde reisdata. Wij hadden nog een open retourticket en moesten die binnen een jaar na ons vertrek uit Nederland gebruiken. Dus waren we in juni weer een paar weken “naar huis”. Afgelopen januari heb ik de boekingen gedaan. Van Kaapstad naar Schiphol op ons retourtje. Terug naar Kaapstad wilden we ook met KLM, maar die bleken toen maar liefst € 1900 voor een enkele reis te rekenen. Shoppen dan maar. Qatar Airways rekende € 500, dus kozen we daarvoor. Maar, kijk ik nu op de KLM site dan zie ik enkelereisprijzen van € 750 tot € 900. Weliswaar nog steeds duurder dan de Arabieren, maar wel weer een stuk goedkoper dan wat ze eerst vroegen. En KLM, ik heb me echt niet vergist. Verkaart u de prijsverschillen maar, tussen KLM en anderen, maar ook bij de KLM zelf de ene maand dit en de andere maand dat.

Ook Avis weet er weg mee. Wij huren regelmatig een auto van hen en hebben daarmee goede ervaringen. De Nederlandse Avis site staat onder de favorieten op mijn computer, dus tik ik die aan voor een prijsopgave voor ons verblijf in Nederland in juni. Voor de huur van een auto in de Golf-klasse rekenen ze ongeveer € 630. Ik denk, ik kijk ook even op hun Zuid-Afrikaanse Avis site. Daar blijkt de zelfde auto € 350 te kosten, iets meer dan de helft! Onbegrijpelijker wordt het als Avis mij een mail stuurt met een aanbieding. Als ik vóór 31 mei een boeking doe, krijg ik een aantrekkelijke korting over de normale prijs. Dus, denk ik, even kijken. Je kan tenslotte altijd nog je oude boeking afzeggen. Met korting wordt de prijs ongeveer € 550. Ik heb de oude boeking maar zo gelaten.

Onverklaarbare prijsverschillen tussen landen. Vooral als je op reis gaat.